Notaris P.F. van Bosstraeten, Alkmaar, 1894, nr. 53732

Bewerking met behulp van AI

Akte van erfrecht

De ondergetekende Charles Pierre François van Bosstraeten, notaris te Alkmaar, verklaart, na getuigenis van de heren Cornelis Albertus Roos, boekhouder, en Hendrik Lijnbach, kantoorbediende, beiden woonachtig te Alkmaar en bij hem bekend, dat hij zich heeft verzekerd dat de heer Hendrik Reijersen, ook wel bekend als Hendrik Reijersen Jetten, voormalig gepensioneerd rijksambtenaar, woonachtig te Alkmaar, aldaar op 20 april 1894 is overleden. Hij was gehuwd met mejuffrouw Wijbregtje Bakker in volledige gemeenschap van goederen, zowel roerende als onroerende, krachtens de toen geldende wetgeving. Uit dit huwelijk zijn drie kinderen geboren, te weten: Reintje Jetten, gehuwd met Johannes Gerardus Philippus Pisart, apothekersbediende te Alkmaar; Cornelis Jetten, stationchef woonachtig te Voorst; en Aagtje Jetten, gehuwd met Willem Hendrik Mol, kantoorbediende te Amsterdam.

Volgens het testament van de overledene, opgemaakt op 14 juni 1880 voor notaris W.F.G.L. Gouwe te Alkmaar en geregistreerd op 13 juni 1894, is zijn echtgenote benoemd tot erfgename voor het beschikt deel, dat wil zeggen een kwart van zijn nalatenschap. Bij het ontbreken van andere kinderen of afstammelingen van vooroverleden kinderen, zijn de drie genoemde kinderen volgens de wet de enige gerechtigden tot het overige driekwart deel van de nalatenschap, dat bestaat uit de helft van de gezamenlijke boedel van hem en zijn achtergebleven weduwe.

De bovengenoemde mejuffrouw Wijbregtje Bakker, weduwe van de heer Hendrik Reijersen, samen met Reintje Jetten, Cornelis Jetten en Aagtje Jetten, worden hierbij erkend als de enige bevoegden en gerechtigden tot het ontvangen van en het verlenen van kwijting voor alle gelden die afkomstig zijn van de overledene. Deze verklaring is in tweevoud opgesteld, overhandigd en ondertekend door de notaris op 20 juni 1894 te Alkmaar.