Voor twee gulden bij de krijgsraad

Leendert Cornelis Jutten wordt op 28 januari 1867 te Haarlem geboren als vijfde zoon van de metselaar Johannes Jutten en zijn echtgenote Adriana Jacoba Hafakker. Op 11 mei 1887 wordt hij voor de Nationale Militie ingedeeld als loteling van de lichting van dat jaar uit de gemeente Haarlem, onder nummer 142. Als dienstplichtige wordt hij geplaatst bij de 2e compagnie, 3e bataljon, 4e regiment infanterie in het garnizoen van Haarlem.

Uit zijn stamboekkaart, met nummer 16233, halen we zijn signalement: Bij aankomst bij het korps is hij 1,615 meter lang, heeft een ovaal aangezicht met een hoog voorhoofd, blauwe ogen, een gewone neus en mond, een ronde kin, blond haar en wenkbrauwen, en verder geen merkbare kentekens.

Noord-Hollands Archief, 60-142 Vonnissen krijgsraad, dossier 76

Al na enkele maanden, in augustus 1887, moet de toen 20-jarige Leendert voor de krijgsraad verschijnen wegens een incident. Op zondag 31 juli om half drie krijgt hij van de foerier twee gulden om te wisselen voor centen. ’s Morgens heeft hij met enkele burgers buiten de kazerne al flink gedronken, maar de foerier merkt volgens eigen verklaring niet dat Leendert onder invloed is. Leendert verlaat de kazerne en verteert het geld, al kan hij zich later niet herinneren waaraan. De foerier zoekt hem vergeefs, maar vindt hem om half vijf slapend op bed. Tegen de foerier ontkent Leendert het geld te hebben ontvangen, waarna hij in voorlopige hechtenis wordt genomen. In de gevangenis geeft hij het vergrijp toe aan de sergeant van dienst, die hem samen met een korporaal naar huis stuurt om bij zijn ouders de twee gulden te halen. De ouderlijke woning aan de Jan Steenstraat ligt ongeveer anderhalve kilometer van de kazerne, het huidige hoofdbureau van politie. De ouders zijn waarschijnlijk niet blij met de situatie, maar het geld wordt dezelfde avond aan de sergeant-majoor overhandigd.

Leendert betuigt spijt, maar de krijgsraad van het vierde militaire arrondissement met standplaats Haarlem verklaart hem op 8 augustus schuldig aan verduistering. Hij wordt veroordeeld tot één maand gevangenisstraf en tot betaling van alle proceskosten.